ACM gevoelig voor bezwaren tegen eisen blindvermogen

Onlangs behaalde onze lobby een mooi resultaat bij de Nederlandse implementatie van Europese technische voorwaarden waar producenten van elektriciteit aan moeten voldoen (Requirements for Grid Connection of Generators, RfG). De conceptregels die netbeheerder TenneT met terugwerkende kracht wilde invoeren, moeten van de ACM worden aangepast. De nieuw op te stellen regels mogen pas van kracht worden vanaf april 2019. Dit kan, afhankelijk van het type windpark, miljoenen euro’s per park schelen.

Het verschil zit ‘m in de eisen aan het zogenaamde blindvermogen: het vermogen dat een windpark moet leveren als het heel weinig of niet waait. TenneT interpreteerde de Europese regels extreem strikt, waardoor er aanzienlijke extra investeringen nodig zouden zijn voor nieuwe parken met turbines die weinig blindvermogen kunnen leveren. In samenwerking met specialisten uit de praktijk heeft PAWEX (samen met NWEA en NVDE) met succes bij de ACM betoogd dat deze eisen zowel onnodig extreem als maatschappelijk ongewenst waren (zie ook hieronder); de inzet van blindvermogen kan veel efficiënter op het niveau van het (regionale) netwerk geregeld worden dan op het niveau van individuele producenten.

TenneT en de andere deelnemers in het Gebruikersplatform Elektriciteits- en Gastransportnetten (GEN) gaan opnieuw om de tafel om dit te bespreken. Eventuele nieuwe regels zullen pas vanaf april 2019 gelden, dus de windparken die in ontwikkeling zijn, kunnen gewoon doorgaan.

Nieuwe eisen niet doelmatig en onredelijk

Wij vinden het niet doelmatig om aan alle nieuwe productie-installaties de eis te stellen dat zij altijd
blindvermogen moeten kunnen leveren. Dat vraagt grote investeringen, terwijl vooraf zeker is dat deze
investeringen niet of maar beperkt gebruikt gaan worden. Daarbij zal in de meeste lokale situaties reeds
voldoende capaciteit aan blindvermogen beschikbaar zijn, waardoor de extra capaciteit aan blindvermogen van
nieuwe productie-installaties helemaal niet nodig is. Het is veel doelmatiger om per specifieke locatie te
beoordelen hoe daar het beste capaciteit voor blindvermogen kan worden gecreëerd door afnemers, opwekkers
of de netbeheerder. Daarbij zou de specifieke lokale behoefte aan blindvermogen uit de markt gehaald kunnen
worden: dan geef je partijen een prikkel om in deze dienst te investeren juist op locaties waar er behoefte aan
blindvermogen is.
Verder vinden wij het vanuit het kostenveroorzakingsprincipe onredelijk dat duurzame opwekkers gevraagd
wordt om kosten te maken om blindvermogen te kunnen leveren in situaties dat het niet of nauwelijks waait of
dat de zon niet schijnt. Immers, dit zijn juist de situaties waarop deze opwekkers dit blindvermogen niet
veroorzaken. Blindvermogen ontstaat immers als gevolg van het samenspel van productie en afname in een net op
een bepaalde locatie.

Verder lezen: